Sommige films geven je na afloop het
gevoel dat je precies begrijpt wat je hebt gezien. Andere laten je vooral
achter met vragen. Akira doet voor mij iets interessants: het vertelt
ontzettend veel, maar legt opvallend weinig uit.
Mijn eerste kennismaking met
Akira
kwam bovendien meteen op de grootst mogelijke manier. Ik had de film nog nooit
gezien en zag hem voor het eerst in de nieuwe 4K-restauratie op IMAX, in de
originele Japanse taal met Engelse ondertiteling. Dat is nogal een manier om
kennis te maken met een film die al bijna veertig jaar wordt gezien als een
animeklassieker en een van de films die
anime wereldwijd op de kaart heeft
gezet.
Akira
verscheen oorspronkelijk op 16 juli 1988. Een paar maanden later, in november,
werd ik geboren. Daarmee is de film bijna net zo oud als ikzelf. Toch was het
eerste wat tijdens het kijken door mijn hoofd ging niet dat ik naar een bijna
veertig jaar oude film zat te kijken. Het was eerder: hoe hebben ze dit in 1988
gemaakt?
Akira is een
adaptatie van de gelijknamige manga van Katsuhiro Otomo, die in 1982 begon. En
die ambitie voel je vanaf de eerste minuten. Een anime uit 1988, volledig met
de hand getekend op celluloid, met een enorme futuristische stad, gigantisch
veel detail en een verhaal dat minstens zo ambitieus is als de productie zelf. Nog
voordat ik probeerde te begrijpen waar Akira precies naartoe wilde, was
één ding duidelijk: dit is een krankzinnig ambitieus project.
Een toekomst met een verleden
De film opent met een enorme explosie in
1988. Daarna verschijnt de tekst dat we 31 jaar na de Derde Wereldoorlog in
Neo-Tokyo zijn beland, in 2019. Op dat moment weet je nog niet wat die explosie
precies betekent. Je krijgt de gebeurtenis te zien, maar de context ontbreekt
nog. Dat blijkt eigenlijk een goede introductie op de rest van Akira.
Neo-Tokyo voelt als een toekomst die al
een verleden heeft. De stad is groot, futuristisch en indrukwekkend, maar
tegelijkertijd vies, vervallen en bijna uitgeblust. Alsof je niet naar een
nieuwe wereld kijkt, maar naar een wereld die al meerdere keren opnieuw is
opgebouwd.
Op straat zijn protesten en politieke
spanningen. De overheid en het leger proberen de situatie onder controle te
houden, terwijl er ondertussen andere machtsverhoudingen spelen. Ook The
Clowns, een rivaliserende motorbende, duikt op zonder dat uitgebreid wordt
verteld wie ze zijn of waarom ze precies belangrijk zijn. Toch werkt dat voor de wereld die Otomo
neerzet. Je krijgt het gevoel dat Neo-Tokyo niet speciaal voor Kaneda en Tetsuo
is gebouwd. Hun verhaal speelt zich af in een wereld die al bestond voordat zij
erin terechtkwamen.
Drie verhalen binnen één verhaal
Voor mij draait Akira uiteindelijk
om drie perspectieven: Kaneda, Tetsuo en de Colonel. Kaneda is het meest
menselijke perspectief. Zijn belangrijkste motivatie is uiteindelijk simpel:
hij wil zijn vriend Tetsuo helpen. Tetsuo staat daar bijna tegenover. Hij heeft
zijn hele leven in Kaneda's schaduw gestaan. Hij is de zwakkere van de twee,
wordt regelmatig gered en lijkt weinig grip op zijn eigen leven te hebben. Tot
hij ineens macht krijgt.
Daar zit een van de interessantste
tragische elementen van Akira. Tetsuo wil niet langer degene zijn die
gered moet worden. Hij wil eindelijk zelf bepalen wat er gebeurt. Alleen krijgt
hij zoveel macht dat hij die nauwelijks kan beheersen.
Zijn krachten brengen bovendien allerlei
bizarre beelden en ervaringen met zich mee. Zijn dat hallucinaties? Of ziet hij
daadwerkelijk dingen die wij als kijker nog niet kunnen begrijpen? Een
duidelijk antwoord blijft uit. De Colonel vertegenwoordigt weer een heel ander
perspectief.
Waar Kaneda één persoon probeert te
redden en Tetsuo controle probeert te krijgen over zichzelf en zijn nieuwe
krachten, probeert de Colonel een complete stad onder controle te houden. Hij
maakt deel uit van het systeem dat de situatie probeert te beheersen, maar ziet
ondertussen steeds meer van zijn eigen invloed verdwijnen. Zo ontstaat er een
interessante rode draad: controle. Controle over jezelf. Over macht. Over
wetenschap. Over een stad. En uiteindelijk over krachten die misschien helemaal
niet te beheersen zijn.
Akira vertelt veel, maar legt weinig uit
Dat is misschien wel het meest opvallende
aan Akira. Er gebeurt voortdurend iets. Nieuwe personages verschijnen,
experimenten komen aan bod, politieke conflicten lopen door elkaar en
verschillende groepen hebben hun eigen belangen. Toch legt Otomo zelden
uitgebreid uit wat alles betekent.
Dat geldt bijvoorbeeld voor de drie
vreemde figuren die bij de experimenten betrokken zijn. Twee van hen lijken qua
leeftijd wat ouder dan een kind, maar hebben nog altijd duidelijk de
lichaamsproporties van een kind. In eerste instantie lijken ze bijna los te
staan van het grotere geheel. Naarmate het verhaal vordert, wordt duidelijker
waarom ze ertoe doen en hoe ze verbonden zijn met de Colonel en de
gebeurtenissen rond Tetsuo.
Maar ook dan krijg je geen
encyclopedische uitleg. En eerlijk gezegd denk ik dat daar juist een deel van
de kracht zit. Niet alles wat je begrijpt, hoef je uit te leggen. De
kijker krijgt ruimte om zelf verbanden te leggen. Soms lukt dat meteen, soms
pas later en sommige dingen zullen waarschijnlijk ook na een eerste keer vragen
blijven oproepen. Dat laatste vind ik helemaal niet erg.
Een productie van krankzinnige ambitie
Los van het verhaal is Akira ook
technisch een absurde prestatie. Dit is een film uit 1988. Een productie die op
zo'n enorme schaal is getekend, met zoveel beweging en detail. Tijdens deze
IMAX-vertoning valt vooral op hoeveel aandacht er in ieder beeld zit.
De 4K-restauratie en het grote
IMAX-scherm geven het geheel bovendien een enorme schaal. De stad, voertuigen,
gezichten en achtergronden zijn rijk aan details, maar wat mij vooral bijbleef,
is hoeveel er binnen één shot gebeurt.
Beweging is overal. Verlichting
verandert. Achtergronden blijven leven. Personages reageren op hun omgeving.
Zelfs wanneer er ogenschijnlijk weinig gebeurt, zit een beeld vol informatie. De
animatie is daardoor niet alleen de manier waarop het verhaal wordt
weergegeven. Ze bepaalt voor een groot deel hoe de wereld aanvoelt.
Ook de muziek draagt daar sterk aan bij.
De bombastische, bijna dreigende orgelklanken geven sommige scènes een schaal
die groter aanvoelt dan de personages zelf. Ik kreeg er zelfs regelmatig Interstellar-vibes
van. Niet omdat Akira op die film lijkt, maar omdat de muziek bepaalde
momenten zoveel gewicht meegeeft. Alsof er iets veel groters aan de hand is dan
wat de personages op dat moment zelf kunnen bevatten.
Het einde werpt nieuw licht op het begin
En hier kwam voor mij het interessantste
stukje van de film. Zonder het einde weg te geven: tegen de tijd dat Akira
is afgelopen, kijk je anders naar het begin. Die eerste explosie krijgt
achteraf meer betekenis. Wat eerst een gebeurtenis lijkt waar je nog weinig
context voor hebt, krijgt door de gebeurtenissen aan het einde een andere
lading.
Het verhaal maakt daarmee als het ware
een cirkel. En dat geeft me opnieuw Nolan-vibes. Niet omdat Akira een
soort Japanse Nolan-film is, maar omdat ik na afloop hetzelfde gevoel had als
na Interstellar, Inception of Tenet: Ik wil hem nog een
keer zien. Niet alleen omdat ik niet alles begreep. Juist omdat ik nu denk te
weten waar ik op moet letten.
Dat verschil vind ik belangrijk. Een film
die bewust informatie achterhoudt, kan frustrerend zijn. Maar wanneer je
achteraf nieuwe betekenis kunt geven aan wat je eerder hebt gezien, ontstaat er
iets anders. De film een tweede keer zien kan daardoor een compleet nieuwe
ervaring worden. Akira geeft je soms het antwoord voordat je weet wat de
vraag is. En pas later besef je dat je het antwoord al had.
Een film die ik opnieuw wil zien
Ik ga daarom ook niet doen alsof ik na
één keer kijken iedere laag van Akira volledig heb doorgrond. Dat zou
nogal pretentieus zijn. Dit was mijn eerste kennismaking met een film die bijna
veertig jaar geleden verscheen en waar nog steeds ontzettend veel over wordt
gesproken en geschreven. Ik heb ongetwijfeld dingen gemist. Sommige keuzes
begrijp ik beter dan andere en een aantal vragen heb ik nog steeds. Maar
misschien is dat precies waarom ik hem opnieuw wil zien.
Ik wil terug naar Neo-Tokyo, maar nu met
de kennis die ik aan het einde heb opgedaan. Ik wil opnieuw kijken naar die
eerste minuten. Naar Tetsuo. Naar de experimenten. Naar de drie figuren. Naar
de Colonel. En naar alles wat onderweg wordt geïntroduceerd zonder dat er een
grote pijl bij komt te staan. Dat is uiteindelijk misschien wel mijn grootste
compliment aan Akira.
De film eindigt niet met: nu snap je
alles. Hij eindigt voor mij met: nu denk ik te weten waar ik de volgende keer
op moet letten. En misschien is dat wel de grootste Nolan-knipoog van allemaal.
Ik wil hem nog een keer zien.
★★★★½☆
Akira draait vanaf 10 september in de
bioscoop. Bekijk hieronder de officiële trailer.
Blijf op de hoogte van jouw favoriete Netflix-films en
-series
Heb je genoten van dit artikel? Trakteer ons dan op een
(virtuele) koffie of
steun
The Nerd Shepherd door ons te
volgen op
Facebook,
X,
Instagram en
Google! Voor
de laatste updates over je favoriete Netflix-series, word lid van onze
Alles over Netflix
Facebook-groep. Zo mis je geen enkel nieuwtje!